Lammeren

 

 

Niets leukers dan dat er lammetjes op komst zijn!

Welke zorg heeft een ooi met haar pas geboren lam(meren) nodig; 

  • Laat de ooi zo lang mogelijk vertrouwd in de kudde
  • Of bied een rustig plekje op stal aan met een soortgenootje (apart zetten geeft in de regel stress)
  • Navelstreng lam(meren) joderen
  • Trek spenen door zodat je er zeker van bent dat de melkproductie op gang gekomen is
  • Controleren of het lam drinkt of gedronken heeft
  • Controleren of nageboorte er af gekomen is (soms eet de ooi deze op)
  • Zorg voor vers drinkwater en hooi 
  • Voor een goede melkproductie heeft de ooi extra krachtvoer nodig; gemiddeld 500 gr per geworpen lam
  • Eventueel warmtelamp
  • Stal weer reinigen en voorzien van nieuw stro 

Waar laat je de ooi aflammeren?

Voorkeur zou gewoon in de kudde (binnen of buiten) zijn,  echter niet altijd lukt dit omdat je bijvoorbeeld meer toezicht wil, er meer ooien tegelijkertijd uitgerekend zijn, wanneer het weiland sloten heeft of wanneer de weersvoorspelling dit niet toelaat.

Moet een ooi altijd aflammeren onder toezicht?

Niets moet natuurlijk en in de regel lammert een WSN helemaal zelfstandig af, maar van te voren weet je dit natuurlijk nooit. Het kan dus prettig zijn om rond de uitgerekende datum, bij WSN is dat rond de 150 dagen, bij huis te zijn zodat je een oogje in het zeil kan houden. 

Tegenwoordig wordt steeds vaker een drachtige ooi door middel van camerabewaking in de gaten gehouden. Dit lukt vaak het beste als het dier op stal staat. Eén dier uit de kudde apart zetten levert in de regel stress op. Je kan er dus voor kiezen om een maatje naast haar te zetten met een hekje er tussen.

Wat als er meerdere ooien uitgerekend zijn?

Het gevaar bij ooien die rond dezelfde tijd uitgerekend zijn is dat ze elkaars lammetje in willen pikken. Hormonen zorgen ervoor dat hun moederinstinct al optimaal is. Een nog niet bevallen ooi is in staat een pasgeboren lam in te pikken en het te isoleren van de werkelijke moeder met alle gevolgen van dien.

Kan een ooi buiten aflammeren?

Het weer moet wel heel bar zijn wil dit buiten niet goed gaan. Plensregen is erger dan een paar graden vorst. Bij enorme regen lukt het een lam, wat nog niet snel genoeg staat , niet om op tijd biest binnen te krijgen voordat het door de regen onderkoeld raakt. Een weiland met sloten is ook altijd verradelijk omdat een lam wat nog niet kan staan (of nog instabiel staat) hier makkelijk in kan vallen.

Is de ooi buiten bevallen dan is het raadzaam ooi met lammeren in een kraamhokje bij te laten komen. Wanneer je het lammetje optilt en meeneemt loopt de ooi in de regel gewoon mee.

Onderkoeld pasgeboren lam

Is een lam geboren onder barre weersomstandigheden of  is het in de sloot beland; warm een lam altijd eerst van binnenuit op met warme melk uit de fles of wanneer zuigreflex ontbreekt, door het inbrengen van een maagsonde. Leg het lam pas daarna onder een warmte lamp. 

 

Hygiëne

Tijdens een geboorte komt altijd wat bloed vrij, dit is heel gewoon. Dat een ooi,  tot ongeveer 14 dagen, nog wat navloeit ook. 

Mocht de achterkant van de ooi nou erg vervuild zijn dan kan je dit het beste 1 of 2 dagen na de bevalling even schoonmaken. Maak met lauw water een schopje aan met Citonol  (of een beetje groene zeep) en reinig hiermee haar achterkant en staart. 

Oormerken

Het oormerken van een lam

Doe dit;

  • na biestperiode 
  • in een schone omgeving
  • alleen wanneer lam vit is
  • niet wanneer Ectymais/heerst (zere bekkies) 
  • bij droog weer
  • uiterlijk voor leeftijd van 6 maanden 
  • wanneer dier getransporteerd moet worden
  • wanneer het door distructie bedrijf of GD opgehaald wordt

 

Oornummers nodig klik hier

Bij aankoop worden de oornummers automatisch op jouw UBN gezet. Wel moet je ze nog even inladen in Falcoo.

 

 

 

De aflammerplaats

Zorg dat, voordat je bezoek toelaat bij de ooi(en) met lammeren, de aflammerplaats schoon en goed gereinigd is met bijv. met  Halamid.

Verdiep je ook even goed in de Q koorts wetgeving wat je verplichtingen zijn wanneer je bezoek toelaat bij de ooien met lammeren.

De eerste ontlasting van een lam is zwart ( darmpek) daarna zal je een aantal dagen biestpoep zien. Dit is een geleige/mosterdkleurige mest die enorm plakt. Soms blijft dit erg aan de kontjes plakken, met een papiertje is dit vaak goed weg te nemen.

Heb je een jong lam met diarree neem dan meteen contact op met je dierenarts.

 

Geboortegewicht

Gemiddeld gewicht van een WSN lam ligt tussen de 4-5 Kg. Tijdens een meerlingendracht komt een ooi gemakkelijk 15 Kg aan.

 

Instructie voor het wegen van een pas geboren lam.

 

Het wegen van pas geboren lammeren kan een goede indicatie geven;

  • Was de bixgift voor het aflammeren voldoende
  • Hoeveel onder-, of overgewicht heeft het lam 
  • Zijn beide lammeren ongeveer even zwaar
  • Komt het lam aan, drinkt het genoeg

 

 

Voeding

Een lam moet uiterlijk 2 uur na de geboorte biest binnen gaan krijgen. Vuistregel is Veel- Vaak- en Vlug (de3  'VVV').

Een lam wordt zonder weerstand geboren. Wat inhoudt dat het het onbeschermt is tegen ziektekiemen. De weerstand ontvangen zij de eerste 24 uur via de biest. Vandaar dat biest van levensbelang is!

Trek na de bevalling de beide spenen even door om te contoleren of de melkproductie goed op gang gekomen is.

Als dat oké is regelen moeder en lam het vaak verder zelf. Mocht het toch niet lukken of wanneer je er niet zeker van bent of dit gelukt is, of wanneer het lammetje er onbehaaglijk bij staat ( schreeuwen, krom ruggetje) melk dan bij voorkeur biest uit de ooi, mocht dit niet lukken los dan een zakje kunstbiest op en geef het via de fles. (Na 1 flesje wordt het echt niet meteen een flessenlam!)

Los een zakje biest op in  afgekoeld gekookt water op een temperatuur van 60 graden. Los je biest meteen in gekookt water op dan slaan alle belangrijke moleculen stuk en is de waarde van biest volledig verloren gegaan! Warm biest, om dezelfde reden, ook niet in de magnetron op.

Zorg dat er geen klontje ontstaan omdat dit verstopping geeft in de fopspeen. Na het oplossen en voordat je in de stal bent zal de melk de gewenste temperatuur hebben van 40 graden hebben. Lammeren hebben bij een fopspeen in de regel niet meteen een zuigreflex. Wat kan helpen is door de speen in het mondje te doen en steeds een beetje in de speen te knijpen. Zo komt er biest in het mondje en zal het wel gaan slikken. 

Na 24 uur heeft biest geven geen zin meer. De darmwand heeft zich inmiddels gesloten waardoor de moleculen uit de biest geen doorgang meer vinden. Mocht het nodig zijn kan je overgaan op de gewone opfokmelk. 

Tussen een leeftijd van 3 a 4 weken kan je het lam gaan zien herkauwen, dit betekend dat de pens zich gaat onwikkelen en in staat is om naast vloeibaar voedsel ook vast voedsel te kunnen verteren. Een goede penswerking speelt een belangrijke rol bij een goede weerstand voor later. 

Om de penswerking verder te stimuleren kan je het lam langzaam aan krachtvoer laten wennen. Bouw dit langzaam op met eerst een klein handje tot ong 100/ 200 gram muesli op een leeftijd van 6 tot 12 weken. 

 

Slokdarmverstopping

Sommige lammeren schrokken hun brok zo snel naar binnen dat er in de slokdarm een ophoping/prop onstaat.

Het lam gaat schuimbekken en slaat met het hoofd naar achteren of in het rond in een poging zelf de prop weg te krijgen. 

Wat kan je doen; pak een legen injectiespuit van bijv. 20 ml en vul deze met water uit hun eigen drinkbak ga over het lam heen staan en breng het water rustig achter in de keel in en wrijft van kin naar borst. Herhaal  dit eventueel nog een paar keer. Door het toedienen van dit water breng je extra vloeistof in de slokdarm waardoor deze uitzet en de prop vaak makkelijker door naar beneden glijdt. 

Zodra de prop weer doorgang heeft gevonden is het lam weer helemaal oké en zal doorgaan met bix eten, pas op dat het niet weer gebeurt.

Voorkomen is natuurlijk altijd beter;

  • (houd een lege injectiespuit bij de voerplaats) 
  • bied voldoende voerruimte voor elk dier aan
  • door muesli te geven ipv bix (op muesli moeten lammeren beter en langer op kauwen)
  • door het brok op een laagje hooi aan te bieden
  • door grote keien in de voerbak te leggen
  • door brok op een prettige hoogte aan te bieden

 

 

 

Bronst

De bronstcyslus van een ooi is telkens om de 17/18 dagen. Heeft de dekking gepakt dan zal de ooi niet meer in de bronst komen en de ram niet meer toestaan te springen.

Doordat de Wallisers een permanente  bronstperiode kennen zouden ze theoretisch 3 keer in de 2 jaar kunnen lammeren. Houd hierbij de conditie van de ooi goed in de gaten en put een ooi niet helemaal uit.

Heb je de ram permanent bij de ooi(en) weet dan dat het theoretisch mogelijk is dat een ooi na het aflammeren al na een paar dagen weer in de bronst kan komen. Over het algemeen zal dit pas na ongeveer 2 of 3 maanden zijn. 

Zorg daarom tijdig dat de ram apart gezet wordt of een antidekschort draagt.

Separeer ook tijdig je ramlammeren. Ondanks dat zij in de regel pas met een maand of 6 vruchtbaar zijn,  zijn er in de praktijk wel voorbeelden van rammetjes die rond 3 á 4 maanden al met resultaat gedekt hebben.

​​​​​​​